ADIOS TRUDEL

Op 7 juni 2007 overleed een vrouw die alom was geliefd en gerespecteerd: Trudel van Reemst De Vries. Zij zorgde dat Hanny (Ronny's buurmeisje) een vals paspoort kreeg. Daarmee ontvluchtte ze Westerbork met hulp van Werner Stertzenbach, midden op de foto. (meer)

Trudel was heel dapper. Ze was verpleegster in de Spaanse burgeroorlog. Iemand nam in de grootste Spaanse krant El Païs afscheid van haar met de woorden: Tot voor altijd lieve Trudy

vlnr Trudel van Reemst-de Vries, Werner Stertzenbach en Hanny Ladee Levy

Meer over Trudel :

 










Terug

„Je moet nooit aan de kant blijven staan”, zei Trudel van Reemst. Het was de lijfspreuk van de verzetsstrijdster. Ze hield die lijfspreuk ook voor aan kinderen als ze op scholen kwam vertellen over de Spaanse burgeroorlog en de Tweede Wereldoorlog. Dat deed ze tot op hoge leeftijd.

Trudel van Reemst stond nooit aan de kant. Niet tijdens de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939), waar ze als verpleegster de strijders tegen Franco bijstond, niet in de Tweede Wereldoorlog waarin zij samen met haar man, de arts Theo van Reemst, in het verzet zat, en ook daarna niet.

Zij werd als Trudel de Vries in 1914 geboren in een joods gezin in Frankfurt am Main. Haar vader was Nederlander, haar moeder Française. Op school in Duitsland maakte ze het oprukkende antisemitisme mee: „Het kind dat in de klas naast me zat legde een boek tussen ons in, zodat ze ’niet in aanraking kwam met dat jodenkind’. Ik ben er door kinderen geslagen en met stenen bekogeld. Als ik huilend thuiskwam, zei mijn moeder: Daar moet je trots op wezen.”

Op haar elfde verhuisde ze met haar ouders en jongere zusje naar Nederland. Na de HBS volgde ze een opleiding tot apothekersassistente. Ze kreeg een baan in het joods ziekenhuis in Rotterdam en werd verpleegster. In 1936 brak de Spaanse burgeroorlog uit, een jaar later vertrok ze naar Spanje. Van de ongeveer 700 Nederlandse communisten, anarchisten, socialisten en humanisten die niet werkeloos wilden toekijken hoe Franco – gesteund door nazi-Duitsland – de wettige Spaanse regering om zeep hielp, sneuvelde de helft. In het Holland Hospitaal in Spanje leerde zij haar toekomstige man, de niet-joodse arts Theo van Reemst, kennen.

Terug in Nederland vestigden ze zich in Vlaardingen. In de Tweede Wereldoorlog sloten zij zich aan bij het verzet. In 1942 werd Trudel gearresteerd en overgebracht naar de gevangenis in Scheveningen en vandaar naar het ’doorgangskamp’ Westerbork. Daar werkte ze als kraamverpleegster en kwam ze in contact met een kleine verzetsgroep, die onder meer mensen het kamp uitsmokkelde. Omdat Trudel ’gemengd’ gehuwd was, kwam ze na zes maanden vrij.

„Iemand vroeg me eens hoe dat kon, als joodse vrouw in het verzet. Je kunt maar één keer dood, zei ik.” Trudel van Reemst-De Vries bleef ook na de oorlog actief. In de CPN en als onvermoeibaar strijdster voor de rechten van Spaanse politieke gevangenen. „Dit jaar”, zei ze in 1992 in Trouw, geïnterviewd wegens de expositie ’En gij* wat deed gij voor Spanje’ in het Verzetsmuseum Amsterdam, „moest ik op 4 mei voor schoolkinderen spreken bij het Spanjemonument in Amsterdam. Ik dacht: Ik kan toch niet blijven zeuren over dat oorlogje in Spanje.”

„Ik heb hen toen voorgehouden dat ze goed om zich heen moeten kijken, in hun eigen land, stad, straat en school en moeten waken voor racisme en discriminatie. Door de onverschilligheid van de mensen kon de opmars van Hitler gebeuren. Je moet nooit aan de kant blijven staan.”

Trudel van Reemst-De Vries werd op 22 november 1914 geboren in Frankfurt am Main. Ze overleed in Amsterdam op 7 juni 2007

Anita Löwenhardt

Bron: Trouw 13-06-2007